Eerste interview gepland!

Afgelopen vrijdag heb ik met Dwayne Heuvelmans gebeld en een online interview gepland voor dinsdag 12:00h. Ook Bas van Weegberg heeft gereageerd op mijn e-mail van donderdagavond. Ik wacht op bevestiging van hem (het is immers weekend), maar ik verwacht dat het interview op woensdag 11:00h plaats zal vinden. Hiernaast heeft Rick Timmermans, secretaris van het bestuur van DWARS afdeling Noord-Brabant aangegeven dat hij het onderzoek interessant vind en spoedig zal voorleggen aan het bestuur.

Een concreet voorbeeld van een informatieve en aftastende e-mail.

Bij alle respondenten, heb ik in ieder geval de volgende informatie gegeven en ter instemming voorgelegd:

  1. Het interview zal plaatsvinden via het online platform Zoom;
  2. Het interview duurt ongeveer 15 minuten;
  3. Beeld en geluid worden opgenomen voor een transcriptie;
  4. Enkele geselecteerde fragmenten worden gebruikt voor de online blog.

Het eerste punt is belangrijk voor de communicatie. Normaal gesproken zou een interview in real-life plaatsvinden, maar het is door omstandigheden verstandiger dit online te doen. Dit doe ik bij voorkeur met beeld én geluid, niet alleen om ook non-verbale communicatie in te sluiten, maar ook om een ontspannen sfeer te realiseren en een sociale band op te bouwen tussen de interviewer en geïnterviewde (Baarda et al. 2007, p. 52). Hiernaast stelt videocontact mij als interviewer in staat om non-verbaal te stimuleren, bijvoorbeeld door te knikken en regelmatig oogcontact te maken (Baarda, De Goede, & Van der Meer-Middelburg, 2007, pp. 63-64).
Het derde punt, het gebruiken van registratieapparatuur, is belangrijk om de betrouwbaarheid van gegevens te verhogen (Baarda et al., 2007). Op deze manier kan ik een nauwkeurige transcriptie maken, wat voordelig is voor de kwaliteit van de dataverzameling en analyses (Boeije, 2014, p. 88).

Theorie achter selectie van respondenten
De respondenten zijn benaderd op basis van hun positie, omdat ik denk dat ze veel waardevolle informatie over het onderzoeksonderwerp hebben. Twee respondenten zijn raadsleden van de fractie GroenLinks, hebben bestuurskunde gestudeerd en hebben betrekkingen gehad met DWARS. De derde respondent wordt waarschijnlijk een bestuurder van DWARS afdeling Brabant. Volgens Thiel (2015, p. 117) heet dit een expert-interview. Hoewel dit soort personen vaak druk bezet zijn, hebben ze veel kennis over het onderwerp. Gelukkig hebben alle drie de respondenten snel gereageerd. Ik overweeg om een vierde respondent te zoeken, maar interviewen en transcripties maken is een arbeidsintensieve bezigheid (Thiel, 2015, p. 121). Hierom wacht ik af op de reacties van de huidige respondenten. Één respondent gaf een suggestie om een statenlid te benaderen. Hoewel ik dit aanvankelijk een goed idee vond, denk ik ook dat het voor nu verstandiger is om het onderwerp meet af te bakenen. Concreet betekent dit dat het onderzoek meer focust op GroenLinks op gemeentelijk (lokaal) niveau en niet op provinciaal (regionaal) niveau. Dit is echter wel nog een mogelijkheid voor eventueel vervolgonderzoek.

Thiel (2015, p. 120) is kennis en inhoud van het onderwerp, samen met interviewvaardigheid en contactuele eigenschappen van belang voor de interviewer, omdat deze zelf het voornaamste meetinstrument is. Dit is belangrijk voor de validiteit van het interview, de mate waarin de meetresultaten geldig zijn, met andere woorden, of de resultaten een nauwkeurige afspiegeling van de werkelijkheid zijn.

Het structureren van het interview draagt hieraan positief bij. Ik heb gekozen voor een halfgestructureerd interview, een interviewtechniek waarbij de onderzoeker aan de hand van topic list en/of sensitizing concepts (kernwoorden en onderwerpen uit het onderzoek) vooraf een aantal vragen opstelt en gebruikt als leidraad voor het gehele interview (Thiel, 2015, p. 115). Zo heeft de geïnterviewde grote vrijheid bij het beantwoorden van de vragen en kan hij naar eigen inzicht informatie toevoegen, terwijl het voor de interviewer toch mogelijk is om terug te vallen op hoofdonderwerp.
De vragen van het interview vind je hier.

Literatuur
Baarda, D.B., De Goede, M.P.M., & Van der Meer-Middelburg, A.G.E. (2007). Basisboek Interviewen: Handleiding voor het voorbereiden en afnemen van interviews. Groningen: Noordhoff.

Boeije, H. (2014). Analyseren in kwalitatief onderzoek: denken en doen. Amsterdam: Boom.

Thiel, S. (2017). Bestuurskundig Onderzoek: Een methodologische inleiding. Bussum: Coutinho.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *